Op 17 juni 2023 organiseerden we samen met Esperas en andere partners een internationale conferentie ‘Women at the Peace Table‘. Vrouwen een evenwaardige rol geven in conflictpreventie en -resolutie is een noodzakelijke opdracht om vrede meer kans op slagen te geven. Echter zien we daar vandaag nog een grote ongelijkheid.
Het congres kadert binnen een groter project waarbij we een aantal doelstellingen willen halen. Eén van die uitdagingen is om jongeren tussen 12 en 18 jaar bewust te maken van dit feit, hen hierin te betrekken en hierover te laten reflecteren. Een educatieve cursus opmaken hierover leek ons een goede manier.
Voor die creatie konden we rekenen op acht enthousiaste studenten van de minor Transnational Social Work van Vives Hogeschool Kortrijk. Zij hebben acht weken lang zeer intensief aan deze opdracht gewerkt binnen een uitgebreid Bachelor Thesis Research Project en het resultaat mag er wezen. Ze hebben maar liefst drie educatieve cursussen opgemaakt voor studenten tussen 12 en 18 jaar oud, aangepast per graad. Met deze cursussen hopen we erin te slagen het bewustzijn van jongeren rond dit thema aan te scherpen, hen te informeren en instrueren. De cursussen bevatten onderwerpen als vrede en conflict, de rol van vrouwen in de maatschappij, de vraag hoe vrouwen meer betrokken kunnen worden bij het beleid en wat we kunnen doen om vrede te bewaren en waar nodig herop te bouwen. Telkens aangepast aan de doelgroep.
De inspanningen van de studenten gingen verder dan de ontwikkeling van de drie lespakketten; ze maakten ook een op theorie gebaseerde scriptie, waarin ze de noodzaak, de theoretische onderbouwing en de ontwikkeling van de cursussen grondig uitlegden. Daarnaast stelden ze een memorandum, een artikel en alle documentatie over de voortgang van hun werk samen.
De cursussen werden oorspronkelijk allemaal opgemaakt in het Engels gezien het een internationale groep studenten betrof. De cursus voor de eerste en tweede graad hebben we ondertussen beschikbaar in het Nederlands. We bieden de cursus voor de derde graad in het Engels en zijn ervan overtuigd dat dit een meerwaarde is.
De cursussen kregen de titel “Vrouwen in vredesopbouw: deelnemen aan verandering” en handelen over volgende onderzoeksvraag: “Hoe jongeren overtuigen van het belang van een actieve deelname van vrouwen bij de uitbouw van vrede in een internationaal perspectief?“
Ieder pakket bestaat telkens uit drie lesuren vertrekkende vanuit een gekend conflict. Met het oog op inclusiviteit en om een evenwicht te bewaren tussen zware en luchtige topics zijn de ontwerpprincipes steeds dezelfde: er wordt steeds informatie en verschillende vormen van educatieve spellen aangeboden zodat de leerkracht zelf kan kiezen en aanpassen aan zijn/haar groep leerlingen; en er worden ook heel wat tools en methoden voorzien om het leerproces zo vlot mogelijk te laten verlopen zonder daarbij de gemoedstand van de leerlingen uit het oog te verliezen.
De pakketten zien er als volgt uit:
- het pakket voor de eerste graad (12-14 jaar) bespreekt geweldloze communicatie, de oorlog tussen Oekraïne en Rusland en een spel rond de belangrijke spelers in de vredesopbouw.
- Voor de tweede graad (14-16 jaar) wordt er ingezoomd op de betekenis van vrede en conflict aan de hand van dialoog, quizzen over de geschiedenis en conflicten in Congo en een rollenspel dat focust op het belang van vrouwen in vredesopbouw.
- In het pakket voor de derde graad (16-18 jaar) wordt er dieper ingezoomd op de betekenis van vrede en conflict, de geschiedenis en conflicten in Afghanistan en hoe het is als vrouw-activist in vredesopbouw.
De leerlingen gaan samen de uitdaging aan hun eigen definities voor vrede en conflict te ontdekken en in groep hun handen in elkaar te slaan. Ze worden aangespoord een open en respectvolle houding aan te nemen rond deze tijdloze topics. Leerkrachten zijn de vredestichters die jongeren leren in vrede samen te leven en hun vooroordelen helpen te overwinnen in deze multiculturele samenleving.
U kunt de pakketten hieronder downloaden (pdf):
Dit initiatief kwam tot stand dankzij een nauwe samenwerking met Vives Hogeschool Kortrijk en met de steun van de provincie West-Vlaanderen (Wereldhuis).
