Afghanistan blijft geteisterd door rampen en beperkingen. Begin september veroorzaakte een zware aardbeving in het oosten van het land honderden doden, vooral vrouwen en kinderen. Zij worden dubbel getroffen: door het natuurgeweld én door de regels die hun vrijheid beperken. Tegelijk worden boeken van vrouwen uit de universiteiten geweerd en worden gewone scholen in snel tempo omgevormd tot madrassa’s (religieuze scholen), wat de toekomst van het land ernstig bedreigt. Ook nieuwe maatregelen, zoals het verbod op foto’s van vrouwen op identiteitskaarten, maken hen steeds onzichtbaarder. Daarnaast werd het land ook nog eens enkele dagen compleet afgesloten van de rest van de wereld, om nog maar te zwijgen van de recente gevechten aan de grens met Pakistan, die ook nog eens tientallen doden eisten.
En toch is er beweging: buurlanden investeren in infrastructuur en er groeit voorzichtig internationaal overleg. Maar vooral op lokaal niveau blijft hoop nodig – en dáár proberen wij het verschil te maken.
Ondanks alles blijven onze lessen doorgaan. Honderd meisjes volgen onderwijs in lezen, schrijven en rekenen, maar ook creatieve workshops die hun zelfvertrouwen versterken. De school is uitgegroeid tot een ontmoetingsplek waar meisjes elkaar steunen, lachen en dromen durven uitspreken.
We breidden onze bibliotheek uit met 250 nieuwe boeken en investeerden in materiaal voor het kunstcentrum. Ook oud-leerlingen blijven betrokken: ze komen samen voor begeleiding, maken gebruik van het internet op de school en raadplegen de nieuwe boeken. Bovendien bekijken we samen met de school de mogelijkheid om deze meisjes in te zetten als leerkrachten in hun dorpen. Zo groeit stap voor stap een netwerk van sterke vrouwen.

